Posts

Vrouwen en literatuur. Een vrijdagavond in de KB in Den Haag

Afbeelding
In de Koninklijke Bibliotheek ging het op vrijdag 15 mei 2026 over literatuur door vrouwen. En dan ook nog eens uit de periode vóór 1800. Een vijftigtal bezoekers, onder wie ook enkele mannen, waren erop afgekomen. Fleur Speet fungeerde op aanstekelijk wijze als gastvrouw en presentatrice. Zij vervulde deze rol mede vanuit de context van Fixdit . “Het schrijverscollectief Fixdit streeft naar meer diversiteit in de canon en de literaire wereld. Door o.a. acties, essays, open brieven en gesprekken wil Fixdit het bewustzijn over genderongelijkheid in de letteren vergroten en de canon uitbreiden met werk van belangrijke vrouwelijke auteurs,” aldus de website. In gesprek met diverse gasten kwamen verschillende inzichten en standpunten naar voren. Zo zei Manon Uphoff dat ze graag in het onderwijs meer aandacht zou zien voor bepaalde stromingen en schrijfsters, in de veronderstelling dat scholieren dan eerder kennismaken met werk van relevante figuren. Uphoff noemde als voorbeeld voor zic...

Madame De Staël en Dirkje Kuik

Afbeelding
Het ultieme vestzaktheater in ons land is het TorpedoTheater in het centrum van Amsterdam: met ca. veertig bezoekers is het afgeladen vol. Op 11 mei 2026 had daar weer een bijeenkomst plaats in de reeks ‘Biografie op de bühne’. Middels twee vraaggesprekken vindt nadere oriëntatie plaats op het genre, één met de auteur van een reeds verschenen biografie en één met een schrijver die nog doende is met het project. Als eerste ondervroeg presentator Eric Palmen de schrijfster en literair criticus Margot Dijkgraaf . Zij publiceerde een boek over madame De Staël (eigenlijk Anne-Louise Germaine Necker, barones van Staël-Holstein, 1766-1817). Haar duizelingwekkende veelheid aan eigenschappen, contacten, belevenissen, reizen en publicaties balde samen tot één kwalificatie: ze was de enige vrouw voor wie Napoleon bang was. Margot Dijkgraaf noemde De Staël de moeder van het liberalisme. Relevant is zij ook nu nog voor ons, omdat De Staël vóór alles pleitbezorgster was van vrijheid: persoonlijk...

'Nippon' van Philipp Franz von Siebold

Afbeelding
De geanimeerde boekpresentatie in Leiden op 30 april 2026 draaide om Philipp Franz von Siebold (1796-1866). Von Siebold was van 1823-1829 als arts werkzaam op de VOC-factorij Deshima, het befaamde kunstmatige eilandje in de haven van Nagasaki. Deze Nederlandse handelspost was ruim twee eeuwen lang de enige mogelijkheid tot contact met de rest van de wereld voor Japan en de Japanners – en omgekeerd. Japanmuseum Sieboldhuis aan het Rapenburg in Leiden.   Het klinkt exotisch, maar de Nederlanders op Deshima waren aan een strikt regime onderworpen en wat overheerste was eigenlijk verveling. Omdat Von Siebold de geldende regels overtrad kwam hij in grote moeilijkheden, wat hem ten slotte te staan kwam op verbanning uit Japan. Hij keerde naar Europa terug met een schat aan kennis en aantekeningen, en grote verzamelingen Japonica. Veel van dit materiaal is in Leiden bewaard gebleven, bij onder meer Naturalis, het Wereldmuseum en de Leidse universiteitsbibliotheek.   Von Siebold w...

Voor kleine parochie: praten over Du Perron

Afbeelding
Op vrijdag 24 april 2026 werd mij anderhalf uur de vloer gegund om te praten over schrijver, dichter, criticus en essayist E. du Perron (1899-1940). En over boeken van Du Perron, het verzamelen ervan, de lectuur, en wat dat voor mij betekend heeft. Dit gebeurde op uitnodiging van de Vereniging Vrienden van de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag - voor de gelegenheid uitgebreid met enkele Vrienden van Huis van het Boek, voor sommigen beter bekend als 'Meermanno'.  Het was een voorrecht om op dit verzoek in te gaan, meer dan vijfendertig jaar nadat ikzelf op de KB mijn loopbaan begon. Het contact toen was tot stand gekomen via diezelfde E. du Perron. Ik had me, student nog, aangemeld als vrijwillig medewerker aan de productie van de Brieven -editie van Du Perron. Dat bracht me in contact met de KB. Die instelling bewaart namelijk een unieke Du Perron-collectie, oorspronkelijk uit het bezit van A.A.M. Stols (1900-1973), met wie Du Perron vanaf 1925 tot aan zijn dood vriendschappel...

Waar Du Perron doodging

Afbeelding
In april 2026 bezocht een kleine delegatie liefhebbers van het werk van de schrijver E. du Perron het huis waar deze op 14 mei 1940 zijn laatste adem uitblies. Dit huis staat in Bergen (N.-H.) en bevindt zich grotendeels in oorspronkelijke staat. De bewoners - sinds 1970 eigenaars van het pand - ontvingen de bezoekers allervriendelijkst. Du Perron op zijn doodsbed.  Foto: Literatuurmuseum, Den Haag. P 00346 IV 006. Wat zich omtrent de schrijver, dichter en essayist Du Perron afspeelde in die meidagen in 1940 is bekend: zie bv. de column  van Tom Phijffer, op de website van de Mij. der Nederlandse Letterkunde. Door intensief werken en zwakke gezondheid had Du Perron zich uitgeput. Na de Duitse inval was het in zijn huis in Bergen, nabij een plaatselijk vliegveldje, te gevaarlijk. Du Perron verkreeg met vrouw en kind veiliger onderdak bij kennissen van hun vriend A. Roland Holst, in een fraaie villa aan de Eeuwigelaan, in een bosrijke omgeving. Du Perron ontbrak het talen...

'Foute' schrijvers in het Literatuurmuseum

Afbeelding
In het Literatuurmuseum in Den Haag vond op 17 april 2026 de presentatie plaats van een boek over Nederlandse ‘foute’ schrijvers en literatuur: schrijvers die in de jaren dertig en veertig van de 20ste eeuw inspiratie zochten en vonden bij het nationaalsocialistische gedachtegoed. Denk aan Henri Bruning, Nico de Haas, George Kettmann en Albert Kuyle. De zaal in het Literatuurmuseum / Kinderboekenmuseum is duidelijk ontworpen voor gebruik door jonge mensen, terwijl ditmaal het publiek hoofdzakelijk bestond uit (optimistisch geschat) vijftigplussers. Bertram Mourits, hoofd collecties van het museum, stelt dat we in Nederland niet zo iemand kennen als Ezra Pound of Louis Ferdinand Céline. ‘Lucebert misschien?’, overwoog Mourits. Maar nee: die had immers toen ‘ie eenmaal begon te publiceren zijn foute denkbeelden achter zich gelaten. Pound en Céline dachten en schreven gruwelijk foute dingen, zijn nochtans salonfähig en worden als grote schrijvers beschouwd. Dat zulke figuren in de Neder...

Poëzie is geluk

Afbeelding
Op 13 april 2026 klonk voor de derde keer poëzie in Carré. De eerste keer was in 1966, toen op initiatief van Simon Vinkenoog talrijke dichters het hoofdstedelijke podium betraden. Johnny the Selfkicker en Gerard [Kornelis van het] Reve epateerden toen het perplexe bourgeois publiek met hun spraakmakende optredens. De tweede keer poëzie in Carré was veertig jaar later, in 2006. Daarbij traden dichters op als Ilja Leonard Pfeijffer, Liesbeth Lagemaat en Tjitske Jansen – en H.H. ter Balkt, Gerrit Komrij en Menno Wigman … alle drie inmiddels dood. De presentator uit 2006, Joost Zwagerman: is er ook al niet meer.   Inmiddels – wéér twintig jaar later – is het tijd voor poëzie in Carré III, met levende dichters die nieuwe geluiden vertolken. Het publiek kwam overtuigend opzetten: ruim 1500 mensen vulden de zaal, onder wie merendeels jongeren. Het programma is van Joost Oomen, Ingmar Heytze en de Poezieboys . Dertien dichters doen hun ding. Muziek en theatrale...